Prima

Prima heeft het moeilijk. Hij ligt op zijn zij en ademt amper. Als hij gaat hemelen zijn onze eeuwige cavia's dood. Het begon allemaal met Piraat. Een schattig klein bruin gladharig beestje waar Sebastiaan op slag van hield toen hij hem zag in de dierenwinkel. Sebastiaan was op dat moment vier jaar en al maanden een zeerover, vandaar dat onze nieuwe huisgenoot Piraat ging heten. Piraat, die uiteindelijk een meisje bleek te zijn, is nooit een echt knuffelbeest geworden. Misschien dat we haar niet genoeg geknuffeld hebben in het begin of misschien was het gewoon geen knuffeldier. Ze rende altijd luid piepend weg als je haar wou pakken maar voor de rest leek ze wel tevreden met haar taak als huisdecoratie.
Een paar maanden later op mijn werk vroeg een stagière een gesprek bij me aan en ik vroeg haar te vertellen wat er aan de hand was omdat ze zo bezorgd keek. Ze begon een beetje verlegen. "Eh, mijn cavia is vannacht dood gegaan." Verwonderd keek ik haar aan. Welke reactie verwachtte ze van me? Zou deze twintigjarige zich in mijn armen storten voor troost? "Dat spijt me te horen." reageerde ik voorzichtig. "Ze was al aardig op leeftijd. Maar ik wou je om hulp vragen. Mijn ander cavia ia helemaal ellendig van het verlies. Hij plukt zichzelf kaal en zit zielig te piepen en ik weet niet hoe het met hem moet als ik volgende maand naar mijn buitenlandse stage moet. Wil jij hem alsjeblieft hebben? Jij hebt toch een cavia? Alfred is gezond en gecastreerd."
En zo is Alfred bij ons gekomen. Piraat en Alfred konden het goed met elkaar vinden. Misschien was het net op tijd voor onze opgroeiende Piraat om een maatje te krijgen want van de stagière begreep ik dat het wel een beetje gemeen van ons was om slechts één cavia te willen. Sebastiaan intussen, trok zich amper iets aan van de cavia's. Hij trok meer op met de kat en dat kan ik wel begrijpen. Cavia's zijn voor mij een soort van vee in de tuin. Ze grazen, zien er leuk uit en horen er gewoon bij. Ik heb niet echt een band met ze.
Na een jaar ging Alfred dood en wij waren heel bezorgd hoe het nu met Piraat verder zou gaan. We bespraken onze zorgen op een feestje bij vrienden en ontdekten dat er zich onder de feestgangers ook ongeruste bezitters van een cavia bevonden. Deze cavia was zojuist weduwnaar geworden en vertikte het al dagen om te eten. Piraat kreeg daarom na het overlijden van haar eerste man binnen een week een echte kerel in haar kooi. Op deze manier voorzag ik dat we in het bejaardenhuis nog steeds cavia's zouden hebben. Intussen hoopten we dat Piraat moeder zou worden van een nestje, daarna zouden we iets aan de mannelijkheid van Fuji gaan doen. Ik was benieuwd hoe de kleintjes eruit zouden zien. Piraat was een keurige bruine korthaar terwijl Fuji de nachtmerrie van iedere kapper was met zijn borstelhaar dat alle kanten uit stond. Fuji maakte echter niets klaar en twee weken logeren bij een andere man leverde ook geen bolle Piraat op. Tevreden graasden ze een jaartje als twee miniatuurkoeien totdat Fuji het begaf.
Ik maakte me zorgen over Piraat maar ook over eeuwige cavia-inwoning en daarom besloot ik het dierenasiel te bellen voor een cavia op leeftijd. Een medewerker vertelde me dat er een speciale caviaboerderij bestond waar eenzame cavia's bij elkaar in een groep leefden totdat ze bij een nieuwe partner werden geplaatst. We keken er onze ogen uit. Een aantal liefhebbers hadden met steun van de plaatselijke groenteboer een enorme verzameling bontgekleurde beestjes verzameld. Er bleken maar twee mannen te zijn. Sebastiaan koos de zwart-witte die gecastreerd was en hij moest een contract tekenen waarin hij beloofde goed voor zijn cavia te zorgen. Hij noemde hem ter plekke Prima.
Op een zondagmiddag een jaar later vonden we Piraat in een hoekje van de ren in de zon. Alsof ze een dutje deed. Sebastiaan was heel bedroefd maar gelukkig was de bejaarde Prima niet alleen omdat we een paar maanden daarvoor onverwacht een konijn hadden gekregen die goed met de oudjes kon opschieten.
En nu komt het caviaverhaal tot een definitief einde en schrijf ik weemoedig deze geschiedenis. Martin komt de kamer in en kijkt naar Prima en vervolgens vragend naar mij. Ik schud langzaam mijn hoofd omdat ik al een poosje geen beweging meer in hem kan ontdekken. Teder pakt Martin het overleden diertje op.
"Sebastiaan, Elise, kom eens. Ik moet jullie iets vertellen," roept hij de kinderen terwijl ik een brok in mijn keel probeer weg te slikken.

vorige column
archief